Wandelen door weides vol bloemen, door bossen, langs riviertjes, over rotsen en graatjes. Het kan allemaal in de bergen. Zowel voor jong als oud zijn er genoeg mogelijkheden om de bergwereld wandelend te ontdekken! Toch komt er wel wat meer bij kijken dan je schoenen aantrekken en de voordeur uitstappen. Ga jij deze zomer wandelen in de bergen? Je moet er toch niet aan denken dat je halverwege je tocht niet meer verder kunt omdat het te zwaar is?! Ik geef je tips waar je in de voorbereiding, maar ook tijdens je wandeling op kunt letten

1. Bereid je wandeling voor

Veel voorpret begint vaak thuis al met alle voorbereidingen. Want je kunt jezelf vanuit huis al goed oriënteren op wandelingen of tochten. Welk gebied wil ik ontdekken? Je kunt via internet zoeken naar routes of alvast topografische kaarten bestellen (1:25.000) om de routes op uit te zetten. Ook kun je al kijken of berghutten open en paden begaanbaar zijn. Ter plekke weten vaak hotel of pension eigenaren haarfijn te vertellen wat de condities van paden in de omgeving zijn. Daarnaast kan je ook bij het lokale VVV kantoor informeren wat de staat van de paden en routes is. Ga je alleen op pad, laat dan vooral de hut of iemand thuis weten waar je naartoe gaat.

Kaartlezen met kompas

2. Zorg voor een goede conditie

Wij laaglanders zijn gewend om op vlak terrein te lopen. De hoogste berg die we hebben is iets meer dan 300 meter. We zijn hoogtemeters niet echt gewend. Daarom is het slim om in Nederland al te werken aan een goede basis conditie. Hierbij kan je zowel je uithoudingsvermogen trainen met duursporten, maar het is ook aan te raden om krachttraining te doen ter voorbereiding op bergwandelingen. Een goede conditie verkleint niet alleen de kans op blessures, maar het zorgt er ook voor dat je veel meer kunt genieten tijdens de wandelingen!

3. Trek stevige schoenen aan

Goed ingelopen bergschoenen zijn een must! Je wilt namelijk niet halverwege je eerste wandeldag met blaren op je voeten de tocht moeten staken. Stevige schoenen met goed profiel geven je ook grip op rotsen, gladde grashellingen en op eventuele sneeuwvelden. Daarnaast zorgen hoge bergschoenen voor meer stabiliteit en steun aan de enkels. Ga je op pad over bospaden of makkelijke bergpaden, dan zijn lage bergschoenen ook prima te doen.

4. Zorg dat je de juiste uitrusting hebt

De uitrusting die je meeneemt hangt natuurlijk erg af van de tocht en omstandigheden waarin je op pad gaat. Wat ik in ieder geval bij iedere tocht altijd meeneem is een EHBO setje, mijn Gore-Tex jas, een vest of trui en voldoende eten en drinken. Daarnaast zorg ik er ook altijd voor dat mijn telefoon opgeladen is en ik een kaart met kompas bij me heb. Ga je een meerdaagse tocht van hut naar hut maken, dan vind je in deze paklijst.

5. Check regelmatig de weersvoorspelling

Vier seizoenen op één dag zijn in de bergen geen uitzondering, ook niet in de zomer. Het is niet voor niets dat ze zeggen “niets zo veranderlijk als het weer”. Bekijk voor vertrek het weerbericht of vraag het in het hotel of de berghut na. Houd ook onderweg het weer en de wolkvorming in de gaten. In de zomer is het aan te raden om op tijd op pad te gaan om te voorkomen dat je oververhit raakt of aan het eind van de middag in warmteonweer terecht komt.

6. Neem voldoende eten en drinken mee

Neem altijd wat meer eten en drinken mee dan je verwacht nodig te hebben. Door onvoorziene omstandigheden kan je tocht wel eens langer duren dan gedacht en er is niets vervelender dan niets meer te snacken of drinken hebben. Pas ook op met het drinken uit beekjes of andere natuurlijke bronnen. Ondanks dat het water er christal clear uitziet, kan het maar zo zijn dat er hoger op de berg vee staat de grazen. Een waterfilter kan dan uitkomst bieden.

7. Neem voldoende pauzes

Neem onderweg voldoende pauzes. Niet alleen om wat te eten of drinken en bij te komen, maar ook gewoon om van je omgeving te genieten! Zelf houd ik de regel aan om ongeveer om de twee uur een korte pauze te houden. Het zorgt ervoor dat je weer even kan opladen en je niet teveel energie aan het begin van je wandeling kwijt bent.

8. Pas je snelheid aan

Grote stappen snel thuis! Het klinkt misschien raar maar als je de bergen in gaat, pas dan bewust je snelheid aan en loop twee of drie versnellingen lager die berg op dan dat je uit automatisme doet. We hebben namelijk de neiging als een malle die berg op te rennen om vervolgens 100 meter verderop weer bij te moeten komen. Probeer een tempo te vinden dat je ongeveer twee uur zonder moeite volhoudt. In het begin voelt het misschien traag, maar uiteindelijk zorgt het ervoor dat je nog genoeg energie over hebt om aan het eind van de dag ook goed af te kunnen dalen.

9. Blijf opletten

Het is erg aantrekkelijk om dat geitenpadje te nemen en een stukje af te snijden. Maar komt dat padje ook daadwerkelijk op de route uit waar jij heen wilt? Blijf daarom altijd goed opletten waar je heengaat. Blijf ook in de afdaling terug naar het dal of dat laatste stukje dalen naar de hut alert. Je benen zijn misschien vermoeid en een misstap is daardoor makkelijk gemaakt. Het is daarom belangrijk goed op je voetplaatsing te blijven letten om onaangename glijpartijen of misstappen te voorkomen.

10. Respecteer de natuur

De bergen en haar alpenweides delen we met schapen, geiten of koeien. Je ziet ze niet altijd, maar laat hekken wel zo achter als je ze aantrof. Geef dieren de ruimte als je ze moet passeren en probeer te voorkomen om dwars door een kudde heen te gaan. Ga tijdens je tocht ook respectvol om met de natuur. Blijf op de paden om te voorkomen dat je allerlei flora plat trapt, pluk geen bloemen of planten en neem al je afval weer mee. Ook de toiletpapiertjes na je sanitaire stop. Zo kan iedereen genieten van het prachtige berglandschap. (meer weten hoe je bewust kunt reizen naar de bergen link naar blog)